Afbeelding

Column De Buitenstaander: De Brug

Opinie

Ik wilde deze zomer voor de verandering eens iets over mijn grote liefde muziek schrijven, deels omdat ik natuurlijk zelf tot aan de nok in de muziek zit, maar ook omdat ik gitaar en songwriting-les geef en dus geïnteresseerd ben hoe het een en ander werkt.
Misschien vinden jullie het ook leuk en luister je staand voor een podium net ietsje anders naar de band die jullie verwennen met hun tierelantonen.
Sommige wonderschone liedjes beginnen als een zwoele bries: een intro die je zachtjes bij de hand neemt, je het nummer binnenleidt alsof je een onbekende kamer binnenstapt waar het licht precies goed valt. Andere eindigen als een langgerekte zucht, een outro die je nog even tegenhoudt voor je terugkeert naar de wereld. Maar dan is er ook nog de brug — dat merkwaardige, vaak onderschatte element dat zich ergens halverwege aandient als een onverwachte vreemdeling. Een Fremdkörper bijna, een muzikale omweg die zich niets aantrekt van de route die het lied tot dan toe volgde.
Een gitarist in hart en nieren zal eerder een solo laten schateren, een moment waarop de vingers even vrij spel krijgen. Maar de pure songwriter met een hart vol melodieën en een hoofd vol arrangementen, een Brian Wilson (The Beach Boys), een Paul McCartney, die tekent bruggetjes, molentjes, kleine architecturen die het muzikale landschap tot leven brengen. Zij zetten midden in hun composities kleine lichttorens neer, momenten waarop het lied niet alleen verdergaat, maar even opstijgt.
En soms, heel soms, is dat bruggetje zelfs mooier dan het hele lied er omheen. Alsof je door een prima nummer wandelt en ineens langs een open raam komt waaruit iets hemels naar buiten waait. Dat soort magie laat zich niet eerder aankondigen dan door een akkoord dat nét anders valt, een regel die iets openbreekt. Een sterrenregen die uit het niets neerdaalt.
Zo’n brug zit in het lied Long Promised Road van The Beach Boys, vanaf 1:21 tot 1:53. Een half minuutje slechts, maar het is een half minuutje dat het hele nummer optilt, omkeert, vergeestelijkt. Het lied zelf vind ik best cool, prettig, zonnig, soepel, maar die brug… die verandert het. Die laat het nummer gloeien. Die geeft het vleugels. Die maakt het nummer onweerstaanbaar.
En voor iedereen die bij het horen van The Beach Boys nog steeds denkt aan ‘die gasten met die blotebillengezichten’ - om met Dolf Jansen, de graatmagere punker, te spreken - en ervan overtuigd is dat ze enkel wat surfplankromantiek bijeen schreven: jullie missen minstens driekwart van hun universum. Er zit in die muziek een diepte die verder reikt dan het vinnetje onder zo’n surfplank. Een wereld van harmonieën, structuren, onverwachte wendingen, waarin je zomaar kunt verdwalen - en ja, bruggetjes…
Luister maar. misschien voel je het zelfs. Misschien word je, net als ik, even meegenomen over die brug, naar dat moment waarop muziek heel even iets hemels wordt.

Tekst: Rocco Ostermann

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant