
‘Mijn geschiedenis is nogal ongewoon'
ACHTERHOEK - In Veur de Draod beantwoorden Bekende Achterhoekers stellingen. Wie antwoordt legt zijn ziel bloot. In deze aflevering Ap Dijksterhuis (54), hij groeide op rondom Zutphen. Hij duikt als psycholoog vaak op in de media en kreeg recent veel aandacht door zijn boek Vader. Een zoektocht naar wat er met zijn echte en afwezige vader gebeurde.
Door André Valkeman
1) Mijn mentale bui is:
“Ik voel me uitstekend, mijn vakantie is net begonnen. Ik reageer nu vanaf een mooie hotelkamer in Brighton. Als ik klaar met deze vragen ben, rijden mijn vriendin en ik verder naar het westen van Engeland. In het algemeen leid ik een aangenaam leven. Ik schrijf boeken en ik geef lezingen en dat vind ik heerlijk om te doen. Daarnaast doe ik zelden iets dat ik liever niet doe.”
2) Ik lijk het meest op ‘mien va/mo’:
“Ik heb een ongewone familiegeschiedenis waar ik net een boek over heb geschreven, getiteld ‘Vader’. Mijn vader is op een gruwelijke manier om het leven gekomen toen ik jong was. Later hoorde ik dat hij niet mijn biologische vader was, de man die dat wel was is ook overleden en heb ik nooit ontmoet. Ik lijk in behoorlijk wat aspecten wel op mijn moeder, zowel qua uiterlijk als qua karakter. Mijn moeder is ook al lang geleden gestorven, maar het gekke – en mooie – is dat omdat ik dat boek heb geschreven én ook omdat ik daar de laatste weken zoveel reacties op krijg, ik het gevoel heb dat allebei mijn ouders dichtbij me zijn. Ze kijken over mijn schouder mee. Mijn moeder en door de zoektocht naar mijn vader óók mijn vader.”
3) Mijn grootste angst in het leven is:
“Ik heb er even over nagedacht, maar ik geloof toch echt dat ik moet concluderen dat ik geen angsten heb. Wel heb ik een paar jaar vliegangst gehad, maar dat is al heel lang geleden.”
4) Na de dood is er:
“Niets. Het zal zijn als een droomloze slaap. Welverdiende rust na een jaar of tachtig.”
5) Psychologen zijn
zielenknijpers:
“Haha… Het is een misverstand te denken dat alle psychologen bezig zijn met de mentale problemen van anderen. Dat doen psychiaters en slechts een betrekkelijk klein deel van de psychologen, de meeste psychologen doen andere dingen. Ik heb altijd wetenschappelijk onderzoek gedaan, les gegeven en boeken geschreven.”
6) Ik kan buiten de
Achterhoek wonen:
“Ik woon buiten de Achterhoek, in Nijmegen. Ik kom echter graag in de Achterhoek, vooral in Zutphen waar mijn wortels liggen. Het voelt als thuiskomen.”
7) De mens is monogaam:
"We zijn daar zeker niet op geëvolueerd. Als je naar soorten kijkt waarmee we het meest verwant zijn, zie je dat vooral mannen vaak verschillende partners hebben. Het heeft echter grote voordelen om monogaam te zijn. Mensapen leven in kleine groepen, of zelfs alleen, zoals de orang oetan. Wij leven tegenwoordig, zo ongeveer en globaal, met acht miljard mensen. Als iedereen het met iedereen zou doen, zouden vaders niet weten wie hun kinderen zijn en de meesten zouden geen tijd, geld en energie in een gezin steken. Voor vrouwen is het fijner om kinderen te krijgen als ze weten dat er een vent klaarstaat die meehelpt. Ten slotte is het heel mooi om echt voor elkaar te kiezen. Ik heb nu vijftien jaar dezelfde partner, en ik merk dat onze band nog steeds sterker wordt en dat we steeds meer voor elkaar kunnen betekenen. Liefde is prachtig.”
8) Hierom huilde ik voor het laatst:
"Huilen is geen kracht of zwakte, maar niet kunnen huilen kun je wel zien als een zwakte. De laatste keer dat ik huilde was toen ik de laatste hoofdstukken had geschreven van mijn laatste boek. Het schrijven van die hoofdstukken was emotioneel erg zwaar.”
9) Mensen met accent en of tongval zijn:
“Voor mij niet anders dan mensen zonder duidelijk accent. Ik vermoed dat een sterk accent nog steeds nadelen kan hebben, omdat het bij sommige mensen toch vooroordelen oproept. ‘Oh, het is een boer.’ Ik vind het vaak juist leuk als mensen hun tongval niet proberen te verbergen.”
10) Dit komt op mijn steen:
“Ik wil gecremeerd worden, verder heb ik er echt nog nooit over nagedacht. Ik heb zin in het leven, maar als het einde nadert, zal ik waarschijnlijk ook op tijd zin krijgen in de dood. Dan hoop ik dat ik denk: ‘het was goed zo, het is mooi geweest.’”